Zeeland speelde een kleine rol in de Tour de France van 2015. De eerste etappe startte in Utrecht en eindigde op Neeltje Jans. Het publiek langs de twintig kilometer parcours door Zeeland werd nadien door het provinciebestuur aangedikt tot zeer grote proporties. In onderstaand artikel uit februari 2016 wordt beschreven hoe Omroep Zeeland het verhaal van het provinciebestuur heeft gecontroleerd.


Successen
"Met de punt in 't hol rijden", zo noemt een renner dat als die in de eindsprint alles en alles geeft. Het Zeeuwse provinciebestuur moet haast wel de zadelpunt tegen het achterwerk hebben gevoeld, toen ze van die Touretappe op 5 juli het eindrapport opstelde. Er was al een sportief succes (de prachtige zege van André Greipel op Neeltje Jans), een publicitair succes  voor Zeeland als waterprovincie (vele miljoenen kijkers in 190 landen) en er kon nóg een flinke schep bovenop.

In de nabeschouwing van de spectaculaire Tour de France-etappe Utrecht-Neeltje Jans berekende het Zeeuwse provinciebestuur hoeveel economisch voordeel dit evenement had opgeleverd. Die schatting kwam uit op 3 miljoen euro. Er werd bovenal gejuicht over het aantal toeschouwers, waarvan de schattingen uiteenliepen van 135.000 tot 180.000 mensen, die zoveel geld in het laatje hadden gebracht. Belangrijk nieuws voor de politiek, omdat daarmee de provinciale subsidie aan het evenement ruimschoots was gerechtvaardigd.

Waren er echt zoveel mensen? Wie die zondag in Zeeland was of naar de televisie had gekeken, kan zich die overweldigend grote drukte niet herinneren. Omroep Zeeland heeft daarom de publiekscijfers onderworpen aan wat ´fact checking´ wordt genoemd.

Website provincie

Op 8 december j.l. publiceerde de provincie Zeeland de resultaten van de berekeningen op de eigen website.

banner van webpagina Provincie ZeelandOp die provinciale pagina staan drie documenten die de claim van het grote economische voordeel onderbouwen. De publiekstellingen in die documenten zijn gelegd naast de beelden van de NOS, integraal opgenomen en live-uitgezonden (ook door Omroep Zeeland) en volledig te bekijken via deze YouTube-url. In de Zeeuwse beelden met behulp van diverse camera's op de weg en in de lucht die steeds de kopgroep en het peloton volgden zit nauwelijks één toeristische onderbreking. De etappe werd naar het einde toe steeds spannender. De regisseurs wilden de wedstrijd laten zien en daardoor hebben we nu ook een goed beeld van het publiek langs de weg.

Schatting Kenniscentrum Kusttoerisme
In het rapport van het Kenniscentrum Kusttoerisme (download), in opdracht van de provincie opgesteld, wordt het publiek langs het parcours in Zeeland geschat op minimaal 135.000 mensen en maximaal 175.000 mensen. Dat kenniscentrum zegt zich te baseren op de TV-beelden en op een handmatige telling van alle mensen op de Stormvloedkering. Die telling komt uit op 15.000 toeschouwers.

Op Schouwen zelf (een parcours van 17.400 meter in Zeeland, vóór de Oosterscheldekering) hebben volgens het Kenniscentrum dus 120.000 tot 160.000 toeschouwers gestaan.

Iedereen kan zelf controleren of die schatting kan kloppen. Volgens de minimumschatting (120.000 mensen op 17.400 meter) hebben op iedere strekkende meter 6,9 mensen gestaan. Aan weerszijden twee zeer volle rijen mensen, die schouder aan schouder, zonder gaten ertussen, hebben staan kijken. Bij de maximale schatting van het kenniscentrum (160.000 mensen op 17.400 meter) hebben er zelfs 9,2 mensen per strekkende meter staan kijken. Dat zijn drie volle rijen mensen aan iedere kant van de weg, zonder onderbreking vanaf de Zeeuwse grens op de Brouwersdam tot aan de Stormvloedkering. Zóveel mensen had je op de beelden goed moeten kunnen zien.

 

Schatting provinciebestuur

Het provinciebestuur heeft zelf ook cijfers gepubliceerd en dat gebeurde onder meer in een factsheet op de website (download). Daarin wordt het aantal toeschouwers in Zeeland beduidend hoger geschat: minimaal 160.000 en maximaal 180.000 mensen. In een mondelinge toelichting is erbij gezegd dat er ook nog gebeld is met ASO (de organisator van de Tour de France) die deze cijfers bevestigde. Maar je kunt ASO niet als onafhankelijke bron beschouwen: die organisatie heeft van de provincie Zeeland geld ontvangen om een dagje met het hele Tourcircus naar deze provincie te komen.

Op de vraag: hoeveel mensen hadden wij die dag langs de weg moeten zien staan om deze schatting te kunnen onderbouwen? De minimale schatting (160.000 minus de 15.000 op Neeltje Jans) zegt dat er op Schouwen 145.000 mensen stonden. Op iedere strekkende meter 8,3 mensen, ruim vier mensen per meter aan iedere kan van de weg. Hoe kan je dat zien? Dat zijn zóveel mensen dat je ze overal twee tot drie rijen 'dik' moet zien staan, zonder onderbrekingen. De maximale schatting (180.000 minus de 15.000 op Neeltje Jans) gaat uit van de mogelijkheid dat er op Schouwen zelfs 165.000 mensen langs de kant van de weg hebben gestaan, dus 9,5 mensen langs iedere meter weg. In dat geval zie je aan weerskanten van de weg drie tot vier rijen met mensen staan, zonder ook maar ergens een leeg plekje.

YouTube-beelden
Het is dankzij YouTube allemaal te checken. De volledige live-uitzending van de NOS van 5 juli, geregistreerd door meerdere camera's die telkens de kopgroep en het peloton volgden en ook in vrijwel alle shots iets van de drukte langs de kant van de weg laten zien.

Als je het parcours op Schouwen wil bekijken: even doorschuiven en de tijdcode links onderin het beeld zegt waar je bent. De wielrenners passeren de Zeeuwse grens op tijdcode 3:45:30, ze zijn dan al even voorbij de ingang van Port Zélande (=Zuid-Holland) en op de provinciegrens (rode stippellijn) begint eindelijk ook de zon te schijnen.

 

Steekproef
Met tellen moet je voorzichtig zijn. Mensen zijn soms te onduidelijk om ze individueel te onderscheiden, je kunt ze gemakkelijk dubbel tellen als een andere camera vanuit een andere hoek naar hetzelfde groepje mensen kijkt, of helemaal niet tellen als de camera op maar één kant van de weg is gericht.

Een steekproef van een zeer groot aantal stills (één frame uit een film is een still) uit de Zeeuwse beelden biedt in dit geval uitkomst. Die steekproef moet in elk geval  willekeurig zijn en voldoende omvang hebben. In dit geval heeft Omroep Zeeland een steekproef genomen die zo groot is dat alle shots (een shot is één opname door een camera, dat meestal vijf seconden of langer duurt) er in zijn vertegenwoordigd.

Snelheid
Zo'n trekking zorgt ervoor dat de steekproef zeer gelijkmatig over de beelden zijn verdeeld en ook goed verdeeld over de beide wegzijden. Maar gingen de camera's wel gelijkmatig langs het parcours? De wielrenners zorgden daarvoor. Zij zijn met een redelijk gelijke snelheid over de Kop van Schouwen gereden en ze hebben niet opzettelijk harder of langzamer gefietst op plaatsen met meer of juist minder publiek. Als je op vaste tijdsafstanden de steekproef in de TV-beelden neemt, komt iedere kilometer parcours met een gelijk aantal stills in de steekproef terecht.

Omroep Zeeland heeft ervoor gekozen met sprongen van vijf seconden maar met een offset van afwisselend twee en drie seconden het beeld op pauze te zetten, om de drukte te beoordelen. Iedere minuut omvat zodoende 24 steekproeven, volgens de reeks 2, 3, 7, 8, 12, 13, 17 enz. seconden. Zodra de kopgroep de Oosterscheldekering op rijdt (tijdcode 4:02:35) stoppen we met de steekproef. We gaan er namelijk van uit dat de handmatige telling (op locatie) van het publiek op de kering van 15.000 mensen klopt, zodat we dat cijfer niet meer hoeven te controleren. Wat we over houden zijn 411 stills van de 17 minuten die de kopgroep erover deed om Schouwen over te steken.

Uitspraak
Je gebruikt vervolgens iedere still niet om de mensen één voor één te tellen, maar alleen om een betrouwbare uitspraak te doen over de drukte op die locatie. Want zelfs in een still kun je niet zomaar het aantal mensen per strekkende meter tellen. Want hoeveel meter weg bevat dit ene beeldje? Dat is in de praktijk lastig te berekenen. In zulke gevallen moet je de kwestie van de andere kant benaderen om de noodzakelijke betrouwbare uitspraak te doen: stel eerst vast hoeveel mensen je in elk geval niet ziet. 

Dat doe je zo: je begint van boven en je gaat vervolgens stap voor stap afschatten. Zie je voldoende mensen langs de kant staan om een gemiddelde van bijvoorbeeld 12, 9, of 6 per strekkende meter te rechtvaardigen? Is het überhaupt mogelijk? Nee, zie je zóveel mensen volstrekt niet? Dan moeten er minder toeschouwers hebben gestaan. Als je dan vervolgens de vraag stelt: zouden er drie mensen per strekkende meter kunnen staan en je beantwoordt die vraag met 'ik denk het niet, maar heel misschien kan het wel', dan is dat de bovengrens van je schatting. Daar stop je met afschatten, ook al zijn het er waarschijnlijk nog minder. Je noteert voor deze still drie mensen per strekkende meter en je gunt daarmee de Tour de France het voordeel van de twijfel.

Daarna ga je naar de volgende still om ook die weer af te schatten en die tot slot het voordeel van de twijfel te geven.

 

Pijltjestoets

YouTube helpt hierbij wel: telkens als je op het pijltje-vooruit van je toetsenbord drukt, springt het beeld exact vijf seconden verder. Omroep Zeeland heeft de steekproef daarom twee keer gedaan. Een keer met startpunt 3:45:30 en een keer met 3;45:33 als startpunt, zodat er toch die eerder genoemde 24 verschillende stills in iedere minuut konden worden bekeken en genoteerd.

Het is per beeld goed te zien of er al of niet dubbele rijen mensen staan. Maar hoe dicht staan de mensen werkelijk op elkaar? Dat kun je in de praktijk redelijk schatten. Gewone mensen nemen, als ze ergens staan, tussen de zestig en zeventig centimeter ruimte in. Als je langs een weg de mensen schouder aan schouder ziet staan, kun je veronderstellen dat er op dat punt drie mensen per strekkende meter staan, want een weg heeft bijna altijd twee kanten. Staan de mensen wat ruimer, laten we zeggen een armlengte uitelkaar, dan nemen ze 1,2 meter per persoon in en kun je voor deze still 1,7 mensen per strekkende meter weg noteren.

Fietslengte

Staan ze nog verder uitelkaar, is dat met behulp van fietslengtes te schatten. Overal in beeld zie je fietsen (plusminus 1,8 meter lang) langs het publiek ziet rijden. Die gebruik je als meetlat.

In de steekproef krijgt een still waarin de mensen gemiddelde genomen met zo'n tussenruimte staan een waarde van 0,8 mensen per strekkende meter. Twee fietslengtes geven 0,5 mensen per strekkende meter. En zie je nauwelijks iemand meer langs de kant van de weg? In de steekproef gebeurt dat tientallen keren, dan nog geef je die still het voordeel van de twijfel en noteer je 0,25 mensen per strekkende meter. Als er echt helemaal niemand meer staat, ook dat gebeurt wel eens, is het nul. In alle gevallen vermijd je bij het schatten dat je te laag schat, je gaat altijd aan de bovenkant van de mogelijkheden zitten.

En ook: zie je maar één kant van de weg, dan neem je aan dat het aan de andere kant ongeveer even druk of even stil zal zijn geweest.

 

Resultaat

Het resultaat in deze Excel (download) komt uit op een absolute bovengrens van 40.668 toeschouwers op Schouwen. Want het gemiddelde aantal mensen per strekkende meter weg kan niet hoger zijn geweest dan 2,34 mensen. Vooral de grote hoeveelheid stills, bijna een kwart van alle stills, met vrijwel of helemaal niemand langs de kant van de weg, maakt dat het gemiddelde zó laag is.

 

 

Bij de mensen op Schouwen moeten we nog de 15.000 mensen die op de Oosterscheldekering zijn geteld, rekenen. Dat betekent dat op 5 juli  2015 langs de Zeeuwse kant van de Tour de France in Zeeland niet meer dan 55.668 mensen hebben gestaan. Het echte getal ligt lager, misschien véél lager, maar kan er in elk geval niet boven uit komen.

De andere schattingen waren veel te hoog. Het Kenniscentrum Kusttoerisme heeft met de minimumschatting het aantal toeschouwers 80.000 te hoog ingeschat. Het provinciebestuur is in zijn persbericht en webpublicatie zelfs 105.000 tot 125.000 toeschouwers boven het volstrekte maximum gaan zitten.