Narwal in de Schelde omgekomen van de honger

Narwal in de Schelde omgekomen van de honger
Narwal in de Schelde omgekomen van de honger © OZ
Narwal doodgehongerd

Autopsie

Wetenschappers van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen en de universiteiten van Gent en Luik voerden afgelopen vrijdag een autopsie uit op de gestrande narwal. Het dier was in verregaande staat van ontbinding, waardoor het lastig was de doodsoorzaak vast te stellen. 

Hongerdood

Op het kadaver waren in elk geval geen sporen van een aanvaring te zien. Volgens de wetenschappers is het dier van de honger gestorven. Die conclusie wordt gesteund door het feit dat de narwal vele duizenden kilometers van zijn normale verspreidingsgebied was afgedwaald.

Schelde

Het dier had geen voedselresten in de maag, maar wel stukjes plastic en geërodeerd drijfhout. Die komen geconcentreerd voor in bepaalde delen van de Schelde, een mogelijke aanwijzing dat het dier niet in de Noordzee aan zijn einde kwam, maar de Schelde nog is opgezwommen en daar kort nadien stierf. Het dier was al één tot twee weken dood voor het door twee wandelaars is ontdekt aan de sluis van Wintam bij Bornem.
© OZ
Mannetje
De gestrande narwal was een jong mannetje van 3,04 m lang, met een omtrek van 1,81 m en een slagtand van 70 cm (de slagtand van mannetjes kan tot 3 m lang worden). Het dier woog 290 kg, meer dan 150 kg te weinig voor een dier van deze lengte.
Zeldzaam
In België werd nog nooit een narwal gesignaleerd. In Nederland is er één geval beschreven uit 1912, in de toenmalige Zuiderzee (nu IJsselmeer). In de rest van Europa zijn maar een handvol waarnemingen bekend. Doorgaans blijven narwallen in het hoge noorden, ten noorden van 70 graden noorderbreedte, in de Arctische wateren van Rusland, Groenland en Canada. Dit is wellicht de meest zuidelijke waarneming ooit in Europa.
Skelet
Het skelet zal in de collecties van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen worden bewaard.