Dragonfly na halve eeuw weer in voetsporen Pink Floyd

Een halve eeuw geleden speelde de Britse band Pink Floyd in het Concertgebouw in Vlissingen. De Zeeuwse psychedelische rockband Dragonfly was ook onderdeel van dit 'beatfestijn'. De theatervoorstelling '50 jaar Pink Floyd in Nederland', dit weekend in het Arsenaaltheater, brengt die tijden van wierook en vloeistofbeelden terug in herinnering. En opnieuw is Dragonfly van de partij en sluit de avond af.

De twee overgebleven bandleden, zanger John Caljouw en gitarist Rudy de Queljoe, zullen samen een aantal nummers ten gehore brengen die ze ook 50 jaar geleden speelden. De laatste keer dat ze samen op het podium stonden, was in 2001 op het Abdijplein in Middelburg.

Geen belangstelling meer

Bassist Tonny de Queljoe overleed al in 1983. Drummer Huib Pouwer heeft al jaren geen belangstelling meer voor reünieconcerten. Hun plaatsen worden zaterdag ingenomen door Cees van der Laarse op bas en Alvin Manuhawa op drums.

Dragonfly was een Walcherse psychedelische rockband die eind jaren zestig landelijk en internationaal in de belangstelling stond. De muzikanten, John Caljouw (zang), Huib Pouwer (drums), Rudy de Queljoe (gitaar) en z'n broer Tonny de Queljoe (bas), speelden eerder samen in Group 69 Sect. In La Cave ontmoette de band de Vlissingse dichter Hans Verhagen die in Amsterdam woonde. Hij wordt beschouwd als de ontdekker van de band. Hij produceerde de twee singles die de band opnam: Celestial Dreams (1967) en Celestial Empire (1968).

Kunstenaar Bert Quite verzon het imago van de beschilderde gezichten, om de band als levend kunstwerk presenteren. Na de breuk met Hans Verhagen, viel de band begin 1969 door meningsverschillen uit elkaar, mede omdat de belofte van Phonogram om een LP op te nemen niet werd nagekomen. Ook bleek de band financieel z'n zaakjes niet op orde te hebben.

Mythische proporties

Hoewel de band maar twee jaar bestaan heeft (van 1967 tot 1969), groeide de reputatie van de Walcherse psychedelische rockband Dragonfly uit tot bijna mythische proporties. Dit kwam mede door de beschilderde gezichten van de muzikanten. Kunstenaar Bert Quite verzon dit imago, om de band als levend kunstwerk te presenteren.

Rudy de Queljoe, de gitarist van de band, was een begenadigd gitarist. Hij werd ook wel de Europese 'Jimi Hendrix' genoemd. Zo goed was hij."
Peter Sijnke - pophistoricus

De belangstelling voor Dragonfly, nationaal en internationaal, groeide. In 1968 werd de tweede single opgenomen in Londen en de band speelde onder meer in het voorprogramma van Pink Floyd in het Vlissingse Concertgebouw. Kort daarna bleek de band financieel z'n zaakjes niet op orde te hebben en werden de spullen in beslag genomen. Begin 1969 viel de band uit elkaar, door allerlei meningsverschillen.

Andere bands

Gitarist Rudy de Queljoe, die ook wel de Europese Jimi Hendrix werd genoemd, ging in eerste instantie spelen in de band Brainbox en is uiteindelijk bij de Molukse band Massada terecht gekomen. Zanger John Caljouw heeft jarenlang bij de Rotterdamse rockband The Machine gezongen.

Beschilderde gezichten

Behalve dat Dragonfly één van de eerste bands in Nederland was die psychedelische rockmuziek maakte, zijn ze ook inspiratie geweest voor andere bands en muzikanten. Volgens Sijnke heeft de rockband Kiss zich vooral laten inspireren door de beschilderde gezichten van Dragonfly. Vooral drummer Peter Christ vertoont een grote gelijkenis met Huib Pouwer, de drummer van Dragonfly.

Bijzonder om weer samen te spelen

Zanger John Caljouw vindt het bijzonder om na zoveel jaar weer samen met gitarist Rudy de Queljoe muziek te maken. "Het is alsof de tijd heeft stil gestaan. En dat is het mooie van muziek muziek. Het kan tijd overbruggen." Dat geldt ook voor ook voor De Queljoe. "Het doet me weer denken aan vroeger dat we samen op 't podium stonden. En het brengt allerlei herinneringen terug aan die periode."

Deel dit artikel:

Reageren

Recent nieuws