Geen aanpak oude munitie Oosterschelde, wél onderzoek of er voldoende controles zijn

Staatssecretaris Barbara Visser vindt het niet nodig om op korte termijn de munitiestortplaats in de Oosterschelde aan te pakken. Wél vindt ze dat de situatie goed in de gaten gehouden moet worden.

Munitie op de bodem van de Oosterschelde, archieffoto (foto: Omroep Zeeland)

In de Oosterschelde is na de Tweede Wereldoorlog 30 miljoen kilo munitie gedumpt in een diepe put. Verschillende organisaties maken zich zorgen over de munitie die mogelijk kan gaan lekken en schade aan natuur en visserij kan veroorzaken.

Overleg over munitiedepot

Onlangs was er een overleg over het munitiedepot op aandringen van de gemeente Schouwen-Duiveland, tussen de gemeenten rond de Oosterschelde, Defensie, Rijkswaterstaat en Nationaal Park de Oosterschelde. Daarvan werden de resultaten tot nu toe nog niet bekendgemaakt.

Visser beantwoordt nu in vragen over munitiestortplaats dat er is besloten om te onderzoeken of de waterkwaliteit rondom de stortplaats vaak genoeg en op de juiste manier wordt gecontroleerd. Ook worden de maatregelen tegen het licht gehouden die genomen zullen worden als bij die controles hoge concentraties zware metalen en energetische stoffen als fosfor worden gemeten.

Risico's

Dat staat in de beantwoording van vragen van het Zeeuwse Tweede Kamerlid Rutger Schonis van D66 en zijn partijgenote Salima Belhaj. De D66'ers maakten wilden weten hoe groot de risico's zijn van de munitiestortplaats voor veiligheid en milieu en riepen de staatssecretaris en de minister van Infrastructuur en Waterstaat op om de oude munitie op te ruimen.

Staatssecretaris Vindt dat echter niet nodig. Volgens haar is de kans dat de munitie spontaan ontploft 'praktisch nihil'. De risico's voor natuur, milieu en volksgezondheid zouden 'bijzonder klein' zijn.

'Geen negatieve effecten op het milieu'

Sinds 1998 zijn er vijftien onderzoeken uitgevoerd naar de risico's van de Nederlandse munitiestortplaatsen. Daaruit zijn volgens Visser geen negatieve effecten op het milieu gebleken en verwachten de onderzoekers ook niet dat die in de toekomst wel op zullen treden.

Het roesten van de munitie verloopt namelijk erg traag, het zou zo'n 300 tot 500 jaar duren. En de stoffen die daarbij vrijkomen, zoals metalen en fosfor, worden daarbij bovendien sterk verdund.

Geen hoge concentraties

Tot nu toe waren de bij het munitiedepot gemeten concentraties van die stoffen telkens vergelijkbaar met het reguliere meetpunt in de Oosterschelde, iets verderop. Ook zouden er in schelpdiervlees geen hoge concentraties van die stoffen zijn aangetroffen.

Verschillende andere deskundigen zijn het niet met de staatssecretaris eens. Zij verwachten dat de munitie in de toekomt wel giftige stoffen gaat lekken. Daarom roepen zij op tot betere monitoring van het gebied.

Monitoring opnieuw tegen het licht gehouden

Volgens Visser wordt die monitoring nu naar aanleiding van het eerdergenoemde gesprek tussen de Oosterscheldegemeenten en andere instanties opnieuw tegen het licht gehouden. Ook komt er een overzicht van alle onderzoeksrapporten en Kamerbrieven die tot nu toe over het onderwerp zijn verschenen.

De ongerustheid over de oude munitie is onlangs nieuw leven ingeblazen doordat uit onderzoek bleek dat uit explosieven uit de Eerste Wereldoorlog in een munitiedepot voor de kust van Knokke springstof is gelekt. De wethouder van de gemeente Schouwen-Duiveland riep opnieuw op om nu eindelijk eens iets aan de oude munitie te doen.

Lees ook:

Razendsnel toegang tot het laatste Zeeuwse nieuws, het weer, sport en live radio en tv? Download de Omroep Zeeland app voor Android of iPhone/iPad.

Deel dit artikel:

Reageren