75 jaar na Japanse capitulatie krijgen West-Zeeuws-Vlaamse slachtoffers een naam

De Indië-herdenking in Oostburg verliep anders dan normaal, niet alleen vanwege de coronamaatregelen, maar vooral omdat de slachtoffers uit de gemeente Sluis bij naam werden genoemd, en dat was voor het eerst. Aan het begin van de week waren er nog 29 slachtoffers bekend uit de gemeente, maar op het laatste moment kwam daar de naam van een 30ste slachtoffer bij.

De archivaris van de gemeente Sluis, Geert Stroo, heeft vorig jaar uitgezocht of en hoeveel West-Zeeuws-Vlamingen er tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen in Zuid-Oost Azië. Hij kwam op 29 namen. Dat er op het laatste moment nog een dertigste slachtoffer bij kwam, is te danken aan de Facebookpagina van het 4 mei comité in Oostburg en een oplettend nichtje van Jacob Versprille.

De Indië-herdenking in Oostburg was vandaag de enige in Zeeland. Vorig jaar was er ook een herdenking in Vlissingen. Dit jaar vindt de herdenking in Vlissingen plaats op 5 september. Dan is er in besloten kring een herdenking op de Noorderbegraafplaats.

Een verslag van de herdenking Oostburg

Op de Facebookpagina werd de afgelopen dagen aandacht besteed aan de 29 slachtoffers, maar het nichtje merkte op dat haar oom er niet tussen stond. En dankzij haar werd de naam van haar oom Jacob toch nog vermeld.

De van origine West-Zeeuws-Vlamingen zijn om uiteenlopende redenen naar Zuid-Oost Azië afgereisd. Sommigen dienden in het Koninklijk Nederlands-Indisch leger (KNIL), anderen waren marinier, voeren op de koopvaardij of waren als burger geëmigreerd naar Nederlands-Indië.

Cor Jesse (87) is speciaal vanuit Geldrop naar de herdenking gekomen (foto: Omroep Zeeland)

Bij de herdenking vandaag waren ook nabestaanden aanwezig, onder wie Cor Jesse. De inmiddels 87-jarige is speciaal vanuit Geldrop naar de herdenking gekomen om de naam van haar oom Willem Risseeuw uit Groede te horen en om bloemen bij het monument te zetten. Haar oom vertrok naar Nederlands-Indië om daar onderwijzer te worden.

Ook weet ze nog dat Willem zat geïnterneerd en moest werken aan de beruchte Birma spoorlijn. "Hij is daar een afschuwelijke dood gestorven door uitputting", vertelt ze. "Ik herinner me ook nog heel goed dat het bericht kwam dat ie was overleden." Cor Jesse woonde tijdens de oorlog in Groede bij haar oma, tevens moeder van haar oom Willem. "Hoe mijn opoe toen heeft gehuild is echt onvergetelijk."

De Birma spoorlijn wordt ook wel de dodenspoorlijn genoemd. De 415 kilometer lange spoorweg is tijdens de Tweede Wereldoorlog in 16 maanden tijd aangelegd door krijgsgevangenen tussen Nong Pladuk in Thailand en Thanbyuzayat in Myanmar (toenmalig Birma). Tijdens de aanleg stierven per dag gemiddeld 75 arbeiders, in totaal 15.000, waaronder 3.000 Nederlanders.

Meer over dit onderwerp:
Zeeland Oostburg Japan Indië herdenking
Deel dit artikel:

Reageren