SOS Dolfijn: Butskoppen in Oosterschelde onderdeel van internationale massa-stranding

De twee noordelijke butskoppen die afgelopen donderdag en vrijdag zijn gezien in de Oosterschelde, waarschijnlijk een moeder en kalf, maken onderdeel uit van een grote internationale massa-stranding. Dat zegt natuurorganisatie SOS Dolfijn. Er zijn de afgelopen week meerdere groepen butskoppen aangespoeld in onder meer Ierland en de Faeroër-eilanden.

In Ierland spoelden afgelopen week zeven levende butskoppen aan. Zes van de dieren overleefden de stranding niet. Afgelopen weekend, vandaag en gisteren zijn levende dieren gezien bij de haven van Glasgow. Verder naar het noorden, op de Faeröer-eilanden, spoelden afgelopen week elf butskoppen aan.

Grote marine-oefening

Om deze massa-stranding te verklaren moet er volgens SOS Dolfijn nog meer onderzoek worden verricht. Maar de natuurorganisatie, die walvisachtigen die in Nederlandse wateren in de problemen komen probeert te helpen, heeft wel een vermoeden. De verdenking is nu gericht op een grote marine-oefening.

Op 19 augustus heeft de Engelse marine in een gecombineerde operatie met de Canadese marine en verschillende Europese landen negen Russische marineschepen in Engelse wateren begeleid. Al die marineschepen waren daar aanwezig vanwege de grootschalige NAVO anti-onderzeeboot-oefening Dynamic Mongoose van vorige maand, voor de kust van IJsland.

Massa-strandingen

Uit eerder onderzoek blijkt dat de militaire sonar die hierbij gebruikt wordt kan leiden tot massa-strandingen van butskoppen en andere walvisachtigen uit de familie van spitssnuitdolfijnen. Het is dan ook volgens SOS Dolfijn goed mogelijk dat de strandingen en de verdwaalde dieren, zoals die in de Oosterschelde, een direct gevolg zijn van deze oefening.

Moeder en kalf noordelijke butskop in Oosterschelde (foto: Daniël Zoeteweij)

De butskoppen die op meerdere plekken zijn aangespoeld, zijn volgens SOS Dolfijn in dat geval slechts het puntje van de ijsberg, omdat maar een klein aantal van de dieren onze ondiepe kusten bereikt. Butskoppen leven normaal gesproken namelijk in de diepe oceanen en komen niet van nature voor in ondiepe wateren en aan de kust.

'Met man en macht gezocht'

Hoe het nu gaat met de twee noordelijke butskoppen die werden gezien in de Oosterschelde is volgens Annemarie van den Berg van SOS Dolfijn nog onduidelijk. "We hebben de afgelopen dagen met man en macht naar de butskoppen gezocht, maar we hebben de dieren niet gevonden."

Annemarie van den Berg van SOS Dolfijn over butskoppen in de Oosterschelde

Dat kan volgens Van den Berg meerdere dingen betekenen. "Het kan zijn dat ze de Oosterschelde weer uit zijn gezwommen. Een andere optie is dat ze niet meer leven. Maar het is ook mogelijk dat ze wél nog in de Oosterschelde rondzwemmen, maar dat onze vrijwilligers hen niet hebben gezien. De Oosterschelde is groot en zelfs een walvisachtige van zo'n zes, zeven meter kun je in zo'n groot gebied missen."

Grote zorgen om moeder en kalf

De noordelijke butskop is een walvisachtige uit de familie van spitssnuitdolfijnen die jaagt op grote diepte. Daarom maakt Van den Berg zich grote zorgen om de moeder en kalf die in de Oosterschelde gezien zijn. "Ze zoeken hun voedsel op twee, drie kilometer diepte. Zo diep is de Oosterschelde bij lange na niet." Daarom geldt nog altijd de oproep aan iedereen die de dieren ziet om dat te melden aan SOS Dolfijn.

Butskoppen komen normaal gesproken alleen voor in diepere wateren van de Atlantische oceaan voor: van Spitsbergen, Groenland, IJsland en de oostkust van Canada tot aan de kust van Noordwest Afrika. Ze jagen daarbij vooral op inktvissen.

Noordelijke butskop, gefotografeerd voor de Canadese kust (foto: Cephas - Whitehead Lab)

Op de dieptes waarop de dieren jagen dringt geen of bijna geen zonlicht door. Daarom zijn ze tijdens het jagen volledig aangewezen op hun eigen natuurlijke sonar, oftewel echolocatie, waarbij de dieren een beeld van hun omgeving vormen met behulp van geluid. Dit maakt hen erg gevoelig voor sonarsystemen die gebruikt door de marine.

Duikersziekte

Wanneer spitssnuitdolfijnen in paniek raken door de verstoringen, en te snel vanaf zeer grote diepte terug naar het wateroppervlak zwemmen om aan het lawaai te ontkomen, kunnen in hun bloed stikstofbelletjes vormen, bij mensen wordt dat duikersziekte of caissonziekte genoemd. Wanneer deze belletjes de hersenen bereiken, kan dit fataal zijn.

Of daar ook sprake van is in het geval van de twee butskoppen in de Oosterschelde, kan Van der Berg niet zeggen. "Daar zou eerst meer onderzoek naar gedaan moeten worden, maar het is natuurlijk wel opmerkelijk dat er in één maand tijd zó ontzettend veel exemplaren van deze soort walvis zijn aangespoeld."

Lees ook:

Deel dit artikel:

Reageren