Partij voor Zeeland wil duidelijkheid over rapport Perkpolder

De Statenfractie van de Partij voor Zeeland (PvZ) wil weten van Gedeputeerde Staten (GS) waarom er geen extra maatregelen worden genomen om te voorkomen dat er gevaarlijke stoffen uit de Zeedijk bij Perkpolder vrijkomen. Een rapport dat de provincie liet opmaken en kort geleden openbaar werd, laat twijfels rijzen bij eerdere beweringen van Rijkswaterstaat (RWS) over de veiligheid van de dijk.

De Zeedijk bij Perkpolder (foto: omroep zeeland)

In eerdere berichtgeving deze week werd bekend dat ingenieursbureau Tauw in opdracht van de Provincie Zeeland een onderzoek had gedaan naar de vervuilde grond in de Zeedijk, die in 2014 met thermisch gereinigde grond werd aangelegd. Tauw zorgde voor twijfels over de stelligheid waarmee RWS aangaf dat de gevaarlijke stoffen in de grond niet uit konden lekken, omdat er onder en boven een isolerende laag klei zou liggen. Tauw zegt dat de klei niet overal aanwezig is. De omgeving en een aantal kwelsloten, worden door RWS gemonitord. Desgevraagd liet Gedeputeerde Anita Pijpelink weten dat de conclusies van het rapport geen reden waren voor de Provincie om Rijkswaterstaat extra maatregelen te laten nemen.

Afgraven of niet?

Statenlid François Babijn van de PvZ vraagt aan GS waarom er niet wordt ingegrepen, omdat er in het rapport staat dat de bodemwet wordt overtreden vanwege de te hoge concentraties benzeen, arseen, barium, kwik en lood. Tauw concludeert dat RWS niet voldoende heeft onderbouwd waarom de grond mag blijven liggen, en Babijn wil weten waarom GS niet vindt dat de grond daarom weg moet, wat dat eventueel gaat kosten en wie dat dan moet betalen. Hij vraagt of de Provincie financieel risico loopt omdat die voor 3,3 miljoen euro garant staat voor het plan Perkpolder, de verdere ontwikkeling van het gebied.

Statenlid François Babijn (foto: Omroep Zeeland)

Verder wil de PvZ duidelijkheid over het risico van verkitting oftewel verkleving van de thermisch gereinigde grond zoals Tauw dat schetst in het rapport, en het eventuele risico voor de dijk. Daarnaast vraagt Babijn of er nog verder onderzoek komt naar de tuintjes in de omgeving van de Zeedijk. Volgens Tauw is daar niet voldoende gekeken naar de effecten van het zure stof dat bij de aanleg van de dijk in 2014 naar de omgeving verwaaide en geïrriteerde ogen en huid veroorzaakte.

Rapport direct willen hebben

De Partij voor Zeeland is ook verbaasd over het feit dat het rapport Tauw, dat begin maart klaar was, niet is gedeeld met Provinciale Staten en de statenleden het nieuws via de media moesten vernemen. Al eerder gaf de Statenfractie van GroenLinks ook al aan niet blij te zijn met het feit dat het rapport pas na een beroep op de Wet Openbaarheid Bestuur door de stichting Schone Polder, naar buiten kwam.

Lees ook:

Meer over dit onderwerp:
vervuiling perkpolder partij voor zeeland
Deel dit artikel:

Reageren