Na vijf weken alweer einde aan kokkelvisserij Oosterschelde

De vergunning voor het vissen op kokkels in de Oosterschelde is na vijf weken alweer ingetrokken. Uit extra onderzoek van Wageningen Marine Research blijkt dat er afgelopen zomer ruim twee keer zo veel kokkels zijn gestorven als gemiddeld: 66 procent, in plaats van 28 procent.

Onderzoeker Karin Troost laat weten dat ze opnieuw monsters hebben genomen, omdat er signalen waren over mogelijk extreme sterfte. Het overgrote deel van de kokkels is bestemd voor scholeksters om, voornamelijk in de winter, te overleven. Als er meer kokkels zijn dan de vogels nodig hebben, dan mogen vissers een deel opvissen. In de vergunning stond wel dat hij weer ingetrokken zou worden, als uit nieuw onderzoek zou blijken dat er meer dood zijn gegaan.

Vissers zagen de bui al hangen

Kokkelvisser Jan Kwist uit Tholen zag de bui al een beetje hangen toen hij begin september op de Oosterschelde begon. "Die ene warme week deze zomer, waarbij het water warmer was dan 25 graden, was echt funest. We vreesden al voor een hoge sterfte", zegt hij. Dat was overigens ook terug te zien in het aantal kokkels dat ze opvisten. "We moesten het voornamelijk van de tapijtschelpen hebben, omdat die net iets sterker zijn dan de kokkel", zegt hij. Die schelpen mochten ze als bijvangst mee aan boord nemen.

Kwist heeft ervoor gekozen de boot voorlopig aan wal te laten. "Op de Waddenzee is het ook niet veel. Iedereen is nu daar weer naartoe, maar er ligt gewoon niet genoeg. Het liefst zou ik een jaar rond op de kokkels vissen, maar het is niet anders."

Jan Kwist heeft vier weken kunnen vissen op de Oosterschelde (foto: Omroep Zeeland)

Met de geschatte sterfte van 66 procent in de Oosterschelde, komt het aantal kokkels ruim onder de grens van de voedselreservering voor scholeksters uit. Er blijft zelfs nog maar een derde over voor de vogels. Betekent dit dat de vogels komende winter honger zullen lijden? Karin Troost: "Dat hangt er vanaf hoeveel andere voedselbronnen er zijn. Zo eten ze ook mosselen, die in de Oosterschelde op de droogvallende platen vooral in oesterbanken te vinden zijn. Daarnaast is de laatste jaren de Filipijnse tapijtschelp in opkomst, die ook door scholeksters gegeten zou kunnen worden. Of ze dit ook op grote schaal doen, weten we nog niet."

Het seizoen eerder laten beginnen

Het was jarenlang volgens Bert Keus, voorzitter van de vereniging voor handkokkelvissers, heel normaal dat het seizoen op 1 augustus of september startte. "Misschien moeten we de bakens verzetten. Het is zonde dat de kokkels nu doodgaan, terwijl we ze ook op hadden kunnen vissen." De cijfers van de aantallen krijgt hij in juni binnen, als die 'positief' zijn, dient hij een aanvraag in bij de provincie Zeeland. "De beoordeling neemt ook enkele weken in beslag. Dat is logisch. Maar misschien moeten we naar vergunning die klaarligt en afgegeven kan worden als de aantallen goed zijn", zegt hij.

Voor Kwist is het dan ook nog onzeker of hij volgend jaar terugkeert naar de Oosterschelde of Waddenzee om kokkels te vissen. "Natuurlijk is dit financieel niet gunstig, mijn boot ligt hier stil, maar ik heb gelukkig mijn papieren voor de binnenvaart. Dus kan ik daar mijn boterham mee verdienen."

De consument hoeft trouwens nog niet bang te zijn dat ze het de komende tijd zonder kokkels moeten doen. Hoewel er niet veel kokkels uit Nederland zullen komen, kunnen er nog wel kokkels uit het buitenland worden geïmporteerd. Waaronder uit Engeland.

Lees ook:

Reageren