Proef in Zeeuwse jeugdzorg: Eén behandelaar en één plan per gezin

Het moet en kan anders in de Zeeuwse jeugdzorg. Dat stellen de dertien Zeeuwse gemeentes die daarom gezamenlijk een proefproject hebben afgesproken in Vlissingen, Borsele en Terneuzen. Insteek: één behandelaar en één behandelplan per gezin. Dat zou beter zijn en goedkoper, is het idee.

(foto: Omroep Zeeland)

Jeugdzorg in Zeeland is sinds 2015 in handen van de Zeeuwse gemeentes. Het idee was dat gemeentes beter zicht hebben op hun inwoners en daardoor ook sneller kunnen ingrijpen als het in een gezin mis dreigt te gaan. Vijf jaar later is er van dat idee weinig terecht gekomen. Zeeuwse gemeentes moeten jaarlijks miljoenen toeleggen op jeugdzorg en de vraag ernaar is niet af-, maar toegenomen.

'Leiderschap ontbreekt'

Nu ligt er het plan Vaart in Veiligheid dat een uitgebreide analyse van de huidige stand van jeugdzorg in Zeeland geeft. Voor de volledigheid: het gaat in eerste instantie om een deel van de jeugdzorg. Daar waar er sprake is van complexe gezinssituaties waar jeugdbescherming een rol speelt.

De gebruikte woorden in de analyse zijn niet mals: "Er wordt veel overlegd, maar weinig besloten en er lijkt geen cultuur waarin het elkaar aanspreken op gedrag en het nakomen van afspraken de norm is. Leiderschap ontbreekt om hier verandering in aan te brengen. Tevens ontbreekt de gewaardeerde plek voor de professional. Gezinnen moeten keer op keer hun verhaal doen, voelen zich niet gezien en gewaardeerd, hun problemen niet herkend of erkend."

Eén behandelaar per gezin

De conclusie van het plan: jeugdzorg in Zeeland is niet goed geregeld nu. Het moet anders en daarom gaat er in drie gemeentes een proef lopen. De insteek van die proef is ieder gezin maar één plan en één behandelaar heeft.

Die behandelaar komt uit één van de drie organisaties in Zeeland die over jeugdbescherming gaan. Dat zijn Veilig Thuis (onderdeel GGD), Intervence (jeugdbescherming) of de Raad voor de Kinderbescherming. Een van die medewerkers wordt de vaste behandelaar voor het gezin.

In het plan staat dit als volgt omschreven: "We gaan uit van één klantreis waarbinnen hulpverlening van A tot Z wordt geboden, hulpverlening zonder schotten; door één 'vaste' professional; vanuit één plan; van, naast en met het gezin."

Borsele is één van de drie proefgemeentes (foto: Omroep Zeeland)

Belangrijk in het hele plan is samenwerking tussen alle betrokkenen: alle gemeentes, Veilig Thuis Zeeland, Raad voor de Kinderbescherming en Intervence. De verwachting is dat er minder of geen wachttijden zijn en er geen of weinig overlap is in werkzaamheden of procedures doordat er nu één behandelaar per dossier komt.

Olga Idema, Zeeuwse Programmamanager Jeugd: "In Brabant moeten kinderen soms zeven tot negen maanden wachten op passende hulp. Door deze insteek hopen we die situaties te voorkomen."

Onzekere toekomst Intervence

Opvallend is de belangrijke rol die Intervence speelt in het hele plan, terwijl de toekomst van de jeugdbeschermingsorganisatie nog onduidelijk is. Verantwoordelijk wethouder Jack Werkman van Sluis wil daar niet op vooruit lopen. "Ook dat is een ingewikkeld dossier. Ik verwacht in december er meer over te kunnen vertellen. Tot die tijd is Intervence een belangrijke partner in dit plan."

Intervence, jeugdbeschermingsorganisatie in Zeeland (foto: Omroep Zeeland)

Verschillende Inspecties, zoals de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, zijn bij het plan betrokken. Idema: "De inspecties staan achter dit plan. Dat is ook nodig, omdat medewerkers zich nu aan allerlei verschillende protocollen moeten houden. Een deel van die protocollen wordt nu losgelaten. Bijvoorbeeld dat elke betrokken organisatie zelf onderzoek moet doen. Dat wordt anders. Natuurlijk zijn er nog steeds regels, maar de medewerkers moeten wel de vrijheid hebben en voelen om te doen wat we met dit plan voor elkaar willen krijgen."

Volgens Idema is het heel belangrijk dat er één plan per gezin komt. "Iedere zorgverlener was tot nu toe bezig met één onderdeel. De ene met de schuldproblemen van moeder, de ander met de verslaving van vader, een derde met het kind. Het is de bedoeling dat dat straks verleden tijd is."

In Zeeland wonen ongeveer 73.000 kinderen, een kleine 13% van die kinderen krijgt jeugdhulp.

Ruim 1% daarvan heeft te maken met een jeugdbeschermings- en/of reclasseringsmaatregel.

Er is landelijke belangstelling voor het jeugdzorgproject 'Vaart in veiligheid' (foto: Omroep Zeeland)

Wethouder René Ruissen van Hulst is de kartrekker van het plan: "Kinderen en hun ouders moesten soms vijf, zes keer hun verhaal doen. Dat is natuurlijk niet goed. Het gaat juist daarom om een kwalitatieve slag die we willen maken. De kwaliteit van zorg moet beter worden. De kostenbesparing is mooi meegenomen, maar niet het hoofddoel." Hoeveel kosten er bespaard worden, is nog niet bekend.

Landelijke belangstelling

De proef kost 250.000 euro en loopt tot 15 februari 2021 bij dertig gezinnen in de gemeente Borsele, Vlissingen en Terneuzen. Zeeland is één van de zes regio's waar een proef met een andere manier van jeugdzorg organiseren loopt. Er is daarom ook landelijke belangstelling voor het project.

Lees ook:

Reageren