Dikke onvoldoende voor jeugdbeschermingsplan gemeentes: Overname Intervence moet serieus onderzocht worden

Het overnameplan dat de dertien Zeeuwse gemeentes hebben opgesteld voor jeugdbeschermingsorganisatie Intervence is onvoldoende concreet, realistisch en volledig. Ook zijn er te veel risico's die niet of niet voldoende afgedekt zijn. Dat schrijft minister Dekker in een brief aan de Tweede Kamer.

Pand Intervence in Middelburg (foto: Omroep Zeeland)

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, de Inspectie Justitie en Veiligheid en de Jeugdautoriteit (JA) geven het plan feitelijk een dikke onvoldoende.

Geen vertrouwen

Ze hebben er geen vertrouwen in dat het plan op korte termijn tot een concreet en goed voorstel kan worden uitgewerkt. Daarmee is de zorg voor de betrokken kinderen en gezinnen onvoldoende verzekerd, stellen de organisaties.

Klap in gezicht

Het is een klap in het gezicht van de dertien Zeeuwse gemeentes, in het bijzonder van kartrekker Jack Werkman (wethouder Sluis en woordvoerder in dit dossier). De gemeentes besloten eind vorig jaar het contract met de jeugdbeschermingsorganisatie op te zeggen. Intervence zou te duur zijn, en het verloop van personeel te hoog.

Drie miljoen

Drie andere organisaties (De William Schrikker Stichting, Het Leger des Heils en Briedis) zouden het jeugdzorgwerk beter en goedkoper kunnen doen. Doel van de gemeentes was en is altijd de gezinsmanagers die direct betrokken zijn bij gezinnen en kinderen zoveel mogelijk onder te brengen bij die nieuwe organisaties. Gemeentes hadden voor dat traject ook al ruim drie miljoen euro toegezegd.

Zeeuwse gemeentes zijn hard op de vingers getikt: het plan is onvoldoende onderbouwd, is de conclusie (foto: Omroep Zeeland)

De gemeentes hebben nu in een plan vastgelegd hoe die ontmanteling van Intervence zou moeten gaan verlopen. Volgens de inspecties en de JA is dat in het plan te slecht onderbouwd. Het dringende advies dat de minister heeft overgenomen is nu dat Zeeuwse gemeentes moeten gaan kijken naar een ander scenario: niet langer opknippen, maar een overname.

'Te hoge eisen'

Serieuze kandidaat is Jeugdbescherming West, een organisatie uit Den Haag. Die organisatie was al eerder in beeld, maar viel volgens de gemeentes af omdat de eisen van de Haagse organisatie te hoog zouden zijn.

'Kans groter op goede zorg'

Toch moet juist die optie nu dus onderzocht worden. Het voordeel van een overname door Jeugdbescherming West is volgens de betrokken partijen dat cliënten en medewerkers van Intervence bij één organisatie worden ondergebracht, wat de continuïteit van de zorg ten goede komt. Met andere woorden: de kans dat gezinsmanagers blijven werken en ook al hun gezinnen blijven begeleiden is groter bij deze overname dan bij het opknippen van Intervence, stellen de betrokkenen.

Manifestatie Intervence op Middelburgse Markt- dec 2020 (foto: Omroep Zeeland)

'We betreuren het'

De komende periode moeten de gemeentes dus opnieuw om de tekentafel gaan zitten om deze optie serieus te onderzoeken. Kartrekker Jack Werkman baalt daarvan. In een brief aan de gemeenteraden schrijft hij: "Het onderzoeken van de mogelijkheden met JB West neemt helaas opnieuw tijd in beslag. De verwachting is dat dit minimaal zes tot acht weken zal duren. Daarna volgt opnieuw het proces van beoordeling door de inspecties en Jeugdautoriteit. We betreuren het dat dit nog langer onzekerheid geeft voor de Zeeuwse Jongeren en gezinnen en de medewerkers van Intervence."

Het plan om Intervence op te heffen stuitte op veel kritiek uit Zeeland en ook landelijk. Vorige week liet de ondernemingsraad van Intervence nog weten dat de stem van de medewerkers onvoldoende is meegenomen in het plan.

Bij Intervence werken 75 gezinsmanagers. Zij beschermen kinderen wanneer zij in hun veiligheid of ontwikkeling worden bedreigd, ondersteunen gezinnen met problemen en regelen de hulpverlening.

Dat doen ze als de rechter daar om vraagt of de gemeente daar toe een opdracht geeft.

Lees ook:

Meer over dit onderwerp:
Intervence jeugdbescherming
Deel dit artikel:

Reageren