Vluchtelingenwerk Hulst luidt noodklok: opslagruimte gezocht

Vluchtelingenwerk Hulst luidt de noodklok. De vrijwilligersorganisatie moet komend jaar meer statushouders opvangen, maar een gebrek aan opslag voor meubels maakt het werk lastig.

Samen de krant lezen helpt bij de inburgering van asielzoekers. (foto: Vluchtelingenwerk Nederland)

De Zeeuwse gemeenten moeten komende jaren meer asielzoekers opvangen. Het college van B en W van Hulst kiest niet voor een asielzoekerscentrum, maar wil 'op jaarbasis' nog eens twintig extra statushouders huisvesten. Dit aantal komt bovenop het aantal mensen dat Hulst wettelijk moet opnemen.

Vluchtelingenwerk Hulst, een vrijwilligersorganisatie met één betaalde kracht, slaakte onlangs een noodkreet bij de gemeente Hulst. De achterstand bij de Immigratie- en Naturalisatie Dienst (IND) is zo groot dat Vluchtelingenwerk dit jaar vijftig mensen moet begeleiden in Hulst, dubbel zo veel als vorig jaar. "Dit zal voor de vrijwilligers van Vluchtelingenwerk Hulst een zware klus zijn. Op zoveel hulpaanvragen zijn wij niet voorbereid en daar hebben wij ook de mankracht niet voor", schrijft Vluchtelingenwerk aan de gemeenteraad van Hulst.

Extra vrijwilligers en opslagruimte voor meubels is gewenst

Volgens Imke Tramper, teamleider van Vluchtelingenwerk in Hulst, zijn er inmiddels enkele nieuwe vrijwilligers gevonden en is de achterstand bij de IND voor een groot deel weggewerkt. Maar de extra opvang ('taakstelling') van twintig statushouders die Hulst met de andere gemeenten in Zeeland heeft afgesproken, komt hier nog bovenop. Extra vrijwilligers zijn dus zeker welkom.

Vooral het gebrek aan opslagruimte voor meubels nekt de organisatie. "We zijn al enige tijd op zoek. Onze vorige opslagruimte is door de gemeente enige jaren geleden aan stichting De Melkkan gegeven." Probleem is, schetst ze, dat een statushouder nadat hij of zij de sleutels van een huurwoning krijgt, krap twee weken de tijd heeft om het huis in te richten. "Dat is niet zo simpel. Zeker niet als je net nieuw bent in de gemeente, de taal niet spreekt en geen vervoer hebt."

Vrijwilligers helpen om een inboedel bij elkaar te zoeken en inkopen te doen bij goedkope winkels. "Vaak krijgen wij meubels en witgoed aangeboden van particulieren en bedrijven. Daar zijn wij natuurlijk ontzettend blij mee. Het is wrang als wij goede spullen moet afwijzen door plaatsgebrek. En dat de statushouders alsnog spullen moeten kopen, terwijl we die anders gratis kunnen geven."

Stressvol

"Het zou voor de vrijwilligers minder stressvol zijn als zij niet binnen twee weken een complete inboedel moeten zoeken. Met opslagruimte kunnen wij het gehele jaar door een kleine voorraad van inboedel aanleggen", bevestigt Imke Tramper.

Hulst zocht en zoekt actief mee naar een opslagruimte, zegde wethouder René Ruissen in de commissie samenleving toe. Een oplossing - aangeboden door een externe partij - lijkt in zicht. Raadsleden hamerden in de commissie om de nieuwkomers in elk geval te spreiden over de hele gemeente. Van verdringing op de woningmarkt mag geen sprake zijn, verzekerde Ruissen. De gemeenteraad neemt 15 april een besluit over de extra opvang.

Meer over dit onderwerp:
gemeente Hulst Vluchtelingenwerk
Deel dit artikel:

Reageren