Toerisme in de Zak van Zuid-Beveland: 'Alleen kleinschalig en duurzaam'

Toerisme in de Zak van Zuid-Beveland ligt gevoelig. De gemeente Borsele promoot het gebied, maar natuurliefhebbers zijn bang dat het er veel te druk wordt en de landelijkheid verloren gaat.

Jan-Kees de Meester is niet blij met de grote hoogspanningsmasten die sinds een paar maanden aan de noord- en westkant van de Zak van Zuid-Beveland staan en tot ver in het gebied te zien zijn. "Dit doet wel afbreuk aan het kleinschalige landschap in de Zak", geeft hij toe. Het maakt de omgeving minder aantrekkelijk, maar aan de andere kant zit zijn Stichting Behoud de Zak van Zuid-Beveland (BZZB) ook niet te wachten op horden toeristen in de Zak.

Voorzitter De Meester zegt hierover: "Wij vinden dat kleinschaligheid de maat moet zijn in de Zak van Zuid-Beveland. Toerisme moet zich daar naar voegen. Er is hier geen plaats voor grote campings. Daar zijn we heel erg tegen."

Kamperen bij een aardappelveld

Hij laat een voorbeeld zien hoe het - in zijn ogen - niet moet. Een camperplaats tussen Ovezande en Oudelande is hem een doorn in het oog. "Deze polder was voorheen bedekt met lappen boomgaard. Er stonden elzenhagen omheen. Het is nu een groot aardappelveld geworden, waar een stukje is gereserveerd voor een camperparkeerplaats. Dit noemen wij geen duurzaam toerisme."

Wethouder Kees Weststrate van de gemeente Borsele valt de Stichting BZZB bij als het gaat om de aard van het toerisme dat gewenst is in het gebied: "Ik denk dat het toerisme in de Zak van Zuid-Beveland kleinschalig moet zijn. Het gaat om rust- en ruimtezoekers. Bij dat landschap en die doelgroep hoort kleinschaligheid. We hebben genoeg grote campings."

Wel geeft de gemeente ruimte om te experimenteren. De camperplaats bij Oudelande bijvoorbeeld, maakt deel uit van een pilotproject dat loopt tot in 2022. Dan wordt bepaald of ermee wordt doorgegaan of niet.

Bijzondere status

Eerder gaf de BZZB aan graag een bijzondere status aan het gebied te willen verlenen. De Zak van Zuid-Beveland zou een 'bijzonder provinciaal landschap' moeten worden. Burgemeester Dijksterhuis uitte een paar maanden geleden al zijn twijfels en ook wethouder Weststrate van Ruimtelijke Ordening voelt er nog steeds weinig voor.

Liever werkt hij verder aan de omgevingsvisie: een gezamenlijk plan dat eind volgend jaar klaar moet zijn. Dat is niet te laat volgens hem. "De plannen van de stichting duren nog veel langer," aldus de wethouder.

Lees ook:

Meer over dit onderwerp:
Borsele Zak van Zuid-Beveland
Deel dit artikel:

Reageren