West-Zeeuws-Vlamingen houden droge voeten door baggerwerk Passageule

Waterschap Scheldestromen is momenteel bezig met een monsterklus tussen Cadzand-Bad en Waterlandkerkje. Het Uitwateringskanaal en de Passageule worden ontdaan van een dikke laag baggerspecie. Een groot deel van de kilometerlange waterloop krijgt nieuwe oeverbescherming. Het project zorgt voor een betere waterafvoer op de Noordzee.

Op meerdere plaatsen langs de waterloop zijn de werkzaamheden in volle gang. Zelfs voor de ervaren projectleider Marc Serier en zijn collega Marco Minderhoud is het project, dat tien miljoen euro kost, bijzonder. "Hier komen vele disciplines bij elkaar."

Boer, burger en natuur profiteren

De schoonmaakbeurt van de lange watergang is nodig om het achterland makkelijker en sneller te ontdoen van overtollig water. Het Uitwateringskanaal en de Passageule zijn in de loop der jaren zo ondiep geworden dat vooral bij hevige regenval, de afvoer wordt bemoeilijkt en het gemaal het water slecht weg krijgt. Op sommige plaatsen is de baggerlaag maar liefst een meter dik. Boeren kunnen het waterpeil op hun land daardoor niet goed regelen.

Ook de natuur heeft baat bij de schoonmaak: de waterkwaliteit verbetert erdoor, waardoor het waterleven wordt bevorderd. En uiteindelijk profiteert ook de inwoner in het gebied ervan mee: "Het houdt onze voeten letterlijk droog", onderstreept Serier.

Marco Minderhoud (vooraan) en Marc Serier nemen een kijkje bij de plaatsing van de damwanden. (foto: Omroep Zeeland)

Tot september volgend jaar slurpt een baggerzuiger 200.000 kuub baggerslib en -zand van de bodem en pompt het via een kilometerlange pijp naar de zandput De Lieter aan de Margarethaweg bij Oostburg. Daar wordt het opgezogen slib gescheiden van het zand.

Het zand krijgt ter plekke een nieuwe bestemming: het wordt gebruikt voor het opspuiten van twee eilanden in de zandput. De eilanden vormen samen met het terrein erom heen, een twaalf hectare groot natuurgebied dat in de nabije toekomst voedsel en broedplekken gaat bieden aan vele vogels.

Marc Serier (rechts) en Marco Minderhoud bij de zandput bij Oostburg waar het baggerslib wordt gescheiden van het zand. (foto: Omroep Zeeland)

Het slib gaat vanaf deze plaats verder op transport richting een landbouwperceel ter hoogte van Sluische Veer - vlakbij de plek waar laatst een dode automobilist in het water gevonden is.

Twee vliegen in één klap

Op dit bouwland langs de Kanaalweg is een twintig hectare groot slibdepot gemaakt. Hier worden twee vliegen in één klap geslagen, vertelt Serier. "De baggeraar kan er een groot deel van de afgegraven slib kwijt en de boer krijgt er, nadat de bagger is opgedroogd, een strak perceel en een vruchtbare bodem voor terug."

Om te voorkomen dat het kanaal na het baggerwerk in mum tijd weer dichtslibt, pakt het waterschap ook de oevers aan. Dat gebeurt op verschillende manieren. Bij Cadzand-Bad is de aannemer bezig om de afgekalfde oeverwanden te herstellen. Met kranen wordt de in het water verdwenen grond weer aangevuld.

Een deel van de oevers wordt natuurvriendelijk ingericht met stortstenen. (foto: Omroep Zeeland)

Even verderop, zuidelijk van Retranchement, is een onderaannemer van KWS Infra aan het werk om natuurvriendelijke oevers te maken. Daarvoor worden veertig meter lange zinkstukken van wilgentenen gevlochten.

Een bootje sleept de imposante wilgenmatten achter zich aan naar hun nieuwe ligplaats. Daar komen ze op de bodem te liggen, waarna een dikke laag stortstenen de matten en dus ook de oever op hun plaats houden. "De meest duurzame en fraaie oplossing", vindt Serier. Dat is niet overal mogelijk vanwege de hogere kosten, de vereiste breedte van de waterloop en stevigheid van de bodem.

Kunststof damwanden houden de oever op zijn plaats. (foto: Omroep Zeeland)

Daarom wordt langs de Kanaalweg nog een andere methode toegepast om de oever te beschermen tegen erosie. Vanaf een ponton plaatst een kraan kunststof damwanden langs de waterkant. Houten palen van vier meter lang zorgen dat de damwanden vast komen te staan. Omdat dit werk vanaf het water wordt gedaan, blijft de oever gespaard en hoeft de weg niet afgesloten te worden.

Marc Serier verwacht dat de werkzaamheden nog tot in het voorjaar 2023 zullen duren.

Reageren