Hogere celstraf geëist tegen man die Inge Caljouw doodreed

Tegen de 29-jarige verdachte die in juni 2020 Inge Caljouw doodreed in Vlissingen is vandaag in hoger beroep vijf jaar cel en vijf jaar rijontzegging geëist. Dat is hoger dan het eerdere vonnis van de rechtbank in Middelburg.
De rechtbank van Den Bosch
Paleis van Justitie in Den Bosch © Omroep Zeeland
De advocaat-generaal gaat uit van doodslag, omdat door onder andere vijftien getuigenverklaringen naar zijn oordeel sprake was van een straatrace. Daarbij heeft de verdachte volgens hem het risico aanvaard dat er een ongeluk kon gebeuren, met dodelijke afloop. Omdat de rechtbank in Middelburg dit niet over nam in haar vonnis, ging het Openbaar Ministerie in beroep.
Het hoger beroep diende voor het gerechtshof in Den Bosch. De verdachte was zelf ook in beroep gegaan tegen de vier jaar cel en vijf jaar rijontzegging die hem in januari vorig jaar werden opgelegd. Hij vond vooral dat hij vijandig was behandeld door de rechtbank in Middelburg en voelde zich niet gehoord.

Drugsprobleem

"Ik klapte dicht voor die rechtbank, omdat er zoveel nadruk op mijn drugsprobleem werd gelegd", zegt de man tegen de voorzitter van het hof in Den Bosch. De verdachte rookte dagelijks een joint in die tijd. Als de voorzitter doorvraagt wat het ongeluk met de verdachte doet, breekt de man. "Ik voel me verschrikkelijk. Het doet pijn. Ik heb een grote fout gemaakt die ik niet meer kan rechtzetten."
De verdachte erkent dat hij een drugsprobleem had, maar zegt dat het niet de reden van het ongeluk is. "Nogmaals, ik snap de woede van de nabestaanden. Ik voel me heel schuldig."
Op 10 juni 2020 werd op de kruising van de Burgemeester van Woelderenlaan en de Paauwenburgweg in Vlissingen de 42-jarige Inge Caljouw aangereden. Zij stak in haar rolstoel de weg over toen zij werd geschept. Ze overleed vier dagen later aan haar verwondingen in een ziekenhuis in Rotterdam.
Het Openbaar Ministerie verdenkt de verdachte er nog steeds van dat hij met een nog onbekende andere bestuurder aan het straatracen was. Daarbij werden snelheden bereikt van ruim 150 kilometer per uur. Hij haalde die andere auto in waarna de aanrijding plaatsvond. De rechtbank in Middelburg achtte dat bewezen en veroordeelde de man vorig jaar tot vier jaar celstraf en een rijontzegging van vijf jaar.
De bestuurder van een andere auto die bij het ongeluk door de verdachte werd geraakt, maakt gebruik van zijn spreekrecht en vertelt dat er mediationgesprek is geweest. "Dat heeft mij goed gedaan. Ik heb het gevoel dat de verdachte aan het boeten is voor zijn daad."

Tien jaar cel

De moeder van Inge Caljouw, de vader en haar broer komen allen met een slachtofferverklaring aan het woord en zijn minder mild. "Je verdient minimaal tien jaar gevangenisstraf. Inge had nog wel veertig jaar kunnen leven. Dat heb jij voorkomen", zegt de hevig geëmotioneerde moeder van Inge tegen de verdachte.
De vader legt vooral de nadruk op het sportfonds dat in het leven is geroepen om zijn dochter te eren. Hij memoreert dat de opbrengst van het verkochte autowrak, waarmee zijn dochter werd aangereden, naar dat fonds zou moeten gaan.

Minachting voor Inge

De broer van Inge is vooral gefrustreerd over de houding van de verdachte tijdens het vorige proces en ook vandaag. "Je familie toont weinig compassie met Inge. In het dossier staan verslagen van telefoongesprekken met je familie waarin er minachtend over Inge wordt gesproken. Je zegt alleen maar spijt te hebben om een lagere straf te krijgen."
Vervolgens somt de broer alle letsels op die Inge ten gevolge van het ongeluk opliep. Hij eindigt ermee dat hij en zijn ouders behoefte hebben aan duidelijkheid wat er die dag precies gebeurd is. "Je had een joint gerookt, maar stapte toch in je auto. Wie is nou die andere persoon met wie je aan het straatracen was, want dat wil je niet vertellen."

Andere bestuurder nooit gevonden

Die vraag houdt de advocaat generaal en de voorzitter van het hof ook bezig. De verdachte zou direct na het ongeluk volgens een getuige hebben gezegd dat de andere bestuurder, waarmee de verdachte aan het racen zou zijn geweest, een bekende was, maar dat dat niet uitmaakte. "Ik heb dit gedaan, die ander is niet belangrijk." Ook op deze zitting ontkent de verdachte dat hij de bestuurder van de andere auto kent.
De verdediging houdt een lang pleidooi om vooral het roekeloze rijgedrag van hun cliënt te ontkrachten door allerlei andere, meer heftige zaken aan te halen en weerspraken dat er sprake is van doodslag. Zij tonen een animatie van de autorit van hun cliënt, samen met de andere auto, laten zien hoe hij heeft gereden en weerspreken dat er een straatrace aan de gang zou zijn geweest.
Zij laten in de animatie zien dat de plek waar Inge werd geraakt, een fietsovergang is op een voorrangsweg die niet wordt aangegeven met behulp van een waarschuwingsbord. De rechtbank oordeelde in haar eerdere vonnis dat hun cliënt niet was gestopt voor een zebrapad. De verdediging wijst verder op het blanco strafblad van de verdachte, zijn oprechte spijtbetuigingen en vraagt om een straf van 18 maanden.
Het hof doet over twee weken uitspraak.