Kritiek op provinciaal vervoersplan: 'Niet alles haalbaar'

Minder inzetten op deelauto's en deelfietsen, medewerkers uit de praktijk in de vervoerscentrale laten werken en pas praten over een kortere besteltijd van de haltetaxi als je zeker weet dat het haalbaar is. Dat zijn enkele punten die volgens de voormalig directeur van de gemeentelijke vervoerscentrale Zeeland, Simon van Hoeve uit Terneuzen, verbeterd moeten worden in het Zeeuws vervoersplan.
'Haal deelauto's en deelfietsen uit het vervoersplan en zorg dat in de centrale mensen uit de praktijk zitten'
Van 1978 tot 2010 leidde Van Hoeve een taxibedrijf en vanaf 2010 tot 2020 was hij directeur van de Gemeentelijke Vervoerscentrale Zeeland bv. "Dat regelt al het vervoer op gebied van WMO (vervoer voor ouderen, chronisch zieken of mensen met een beperking), leerlingenvervoer, haltetaxi, kortom het kleinschalige vervoer", aldus Van Hoeve.
En met die ervaring kijkt hij kritisch naar het nieuwe vervoersplan, ook wel de regionale mobiliteitsstrategie genaamd. Voor het kerstreces stemde Provinciale Staten in met de ruwe versie van het plan. De gemeenten doen dat naar alle waarschijnlijkheid deze maand. Daarna volgt de gedetailleerde uitwerking van het plan.
Wat houdt het vervoersplan ook alweer in?
De grote bus wordt vervangen door een kleine bus. Die rijdt straks alleen nog via grote lijnen langs zogeheten hubs in de buurt van je dorp. Bij die hubs kom je dan weer door gebruik te maken van kleinschalig vervoer waaronder de buurtbus, flextaxi, het WMO-vervoer of de deelauto of de deelfiets. Sommige bushaltes in je dorp of wijk worden opstappunten voor dat kleinschalige vervoer. Dat regel of bestel je uiteindelijk zelf via een app of telefoonnummer van de mobiliteitscentrale die het vervoer aanstuurt.
Volgens de oud-directeur is het daarom belangrijk dat er in de komende maanden bij het opstellen van die details goed over bepaalde zaken wordt nagedacht. Zo vraagt Simon van Hoeve zich af of deelauto's en deelfietsen deel moeten gaan uitmaken van het vervoersplan.
"Als vervoerscentrale zijn we in 2011 en 2012 al met deelmobiliteit begonnen. Onder het motto: auto delen is kosten delen. Doel was om auto's die mensen zelf weinig gebruikten te laten delen met anderen. We hadden veel mensen die hun auto wel ter beschikking wilden stellen, maar niemand wilde gebruik maken van die deelauto. We hebben destijds een deelproject in Gent bezocht en daar was het een succes, maar dan praat je over een stad. Delen is daar makkelijker dan op het platteland. Hier zijn de afstanden groter en dan is het niet praktisch."
Er rijden te veel lege bussen. Dat zie ik ook, dus er moet iets veranderen.
Oud-directeur Simon van Hoeve van de Gemeentelijke Vervoerscentrale Zeeland bv.
Bij de presentatie van het plan sprak het provinciebestuur de wens uit om het kleinschalige vervoer sneller te kunnen regelen. Bijvoorbeeld binnen het uur. Een mooie wens vindt Van Hoeve maar volgens hem moet daar pas over gesproken worden als onderzocht is of dat ook haalbaar is.

'Kijken of er een auto vrij is, is een behoorlijke klus'

De ervaring uit de praktijk leert namelijk iets anders. "Je belt naar de centrale en de telefoniste moet dan gaan kijken of er een auto vrij is. En dat is een behoorlijke klus, want er rijdt niet maar één busje rond, dat zijn er veel meer. Dus dat kost tijd en dan mag het aantal telefonistes wel vertienvoudigd worden. Daar komt bij dat een haltetaxi of buurtbus een bepaalde tijd nodig heeft om naar een bepaalde halte te komen."
Kritiek vervoersplan provincie Terneuzen lijn 20 bus Goes
Lijn 20 in Terneuzen richting Goes © Omroep Zeeland
Een ander punt wat de voormalig directeur aansnijdt, is het betaalsysteem. "Op dit moment kunnen scholieren die met de haltetaxi reizen geen gebruik maken van de ov-kaart. Dus bij zowel de grote bus als het kleinschalige vervoer moet je wel met één pas kunnen betalen. Daar is al eens onderzoek naar gedaan in het verleden en daar hangt een prijskaartje aan."
Dertig miljoen euro
Het totale budget voor het vervoersplan bedraagt dertig miljoen euro. Dat klinkt misschien veel, maar volgens Van Hoeve is dat bij een plan als dit niet het geval. Toch vindt ook hij dat er iets moet gebeuren. "Er rijden te veel lege bussen. Dat zie ik ook, dus er moet iets veranderen." Daarom is wat hem betreft één ding cruciaal: "Richt de vervoerscentrale (waar alles vanaf 2025 geregeld gaat worden, red.) in met de mensen uit de praktijk, bijvoorbeeld de mensen van de gemeentelijke vervoerscentrale in Terneuzen. Geen ambtenaren erin stoppen, want als je dat doet dan gaat het kapot."
In navolging van de SGP die eerder in Provinciale Staten het provinciebestuur opriep om te gaan testen, doet Simon van Hoeve dat ook. "Niet pas in 2025 maar nu al experimenteren, want dan kun je nu al ervaring gaan opbouwen."