Zeeuw verdacht van dood door schuld na zinken schip in Westerschelde

Het Openbaar Ministerie gaat de Zeeuwse schipper van het binnenvaartschip Cardium vervolgen. Het schip zonk in maart 2019 in de Westerschelde. Daarbij kwam een 43-jarige stuurman om het leven. De schipper uit Rilland wordt onder meer dood door schuld ten laste gelegd.
Cardium Westerschelde
Het bergen van het voorste gedeelte van de Cardium © HV Zeeland
Daarnaast wordt de schipper verweten dat hij schuldig is aan het zinken van het schip en dat daarbij een levensgevaarlijke situatie ontstond voor de bemanning en dat de man "geen veilige vaart heeft aangehouden" op de Westerschelde zoals dat is vastgelegd in het scheepvaartreglement. Op de bewuste zaterdag in maart waaide het hard en stonden er relatief hoge golven.
Het Functioneel Parket behandelt de rechtszaak. Dit specialistische onderdeel van het OM houdt zich bezig met onder meer complexere fraudezaken en doet de vervolging van zaken die zijn opgepakt door de Arbeidsinspectie.

Stuurman drie weken vermist

Het binnenvaartschip uit Rilland zonk begin maart ter hoogte van de kerncentrale. Behalve de stuurman was ook de schipper uit Rilland aan boord. De schipper kon snel van het schip worden gehaald, maar de stuurman niet. Daarop werd een grote zoekactie opgezet, met onder meer duikers.
Toen na drie weken het lichaam nog steeds niet was gevonden, werd besloten toch het schip te gaan bergen. Dat lag al die tijd nog op de bodem van de Westerschelde. Het schip werd in tweeën gezaagd en in delen naar boven getakeld. Bij het naar boven halen van het voorste deel werd het lichaam van de vermiste Filipijnse stuurman gevonden.
De eerste zitting is begin september voor de rechtbank in Amsterdam.