Het gaat heel slecht met de vlinders, maar in Zeeland net iets minder slecht

Het gaat erg slecht met de vlinders in Nederland. Volgens de Vlinderstichting is dit jaar het aller slechtste jaar ooit gemeten. Het heeft vooral te maken met stikstof en de droogte van de afgelopen jaren. Een kleine opsteker: in kustgebieden, zoals Zeeland, gaat het iets minder slecht met de vlinders.
De heivlinder
Het gaat slecht met de heivlinder © Omroep Zeeland
Peter Geene, oud-voorzitter van Vlinder- en libellenwerkgroep Zeeland, gaat het aan het hart: "Wij zijn ook natuur. Als die natuur kapot gaat, gaan we er zelf ook aan." Vlinders die rondvliegen in heidegebieden hebben het taai. Normaal zoeken ze een bepaalde bloem op en leggen ze eitjes op planten waar de rupsen zich uiteindelijk mee voeden. Nu drogen de planten uit, waardoor de rupsen niks te eten hebben.
Het feit dat Zeeland veel kustgebieden heeft, is goed (of minder slecht) nieuws voor de vlinders: "Het kustgebied droogt in principe iets minder snel uit dan het binnenland." Het heeft de afgelopen tijd veel geregend, maar dat is niet voldoende geweest voor herstel van populaties.

Bestrijdingsmiddelen

Ook chemische bestrijdingsmiddelen of gewasbeschermingsmiddelen zijn factoren. Een eeuwig botsende discussie volgens Geene: "We willen natuurlijk wel groente en fruit eten, maar vlinders zijn onmisbaar voor de bestuiving." Niet met alle soorten gaat het slecht. De bosvlinders zijn zelfs in aantallen gegroeid. Vlinders die in de binnenlandse heidegebieden vliegen zijn in aantallen achteruit gegaan.

Albert Einstein

Geene probeert te verwijzen naar een uitspraak van een wetenschapper. Hij is even de naam vergeten, denkt hard na, maar besluit het alsnog te benoemen: "Als de bijen wereldwijd uitsterven, heeft de mensheid nog maar vier jaar te leven." Het blijkt een uitspraak van Albert Einstein te zijn. Daarmee zegt Geene dat ieder insect van levensbelang is.