Nationaal Park wil nieuw onderzoek munitie

Nationaal Park Oosterschelde vindt dat de munitie op de bodem van de Oosterschelde nog eens nagekeken moet worden. Dat zegt Siebe Kramer, voorzitter van het nationaal park.

Tien jaar geleden is het munitiedepot al eens onderzocht door onderzoeksinstituut TNO.Volgens voormalig EOD-medewerker Frank Barink is het munitiedepot bij Zierikzee een tikkende tijdbom. Kramer maakt zich daarom zorgen: "Feit is dat het er ligt en dat hebben we altijd geweten. Nu moet duidelijk worden wat het risico is."

Gevolgen
Op de bodem van de Oosterschelde bij Zierikzee liggen verschillende soorten munitie. Volgens Kramer zijn de gevolgen daarvan moeilijk te bepalen, zeker op het onderwaterleven. Dus hij ziet graag dat daar nog eens naar gekeken wordt. ''Het is inmiddels alweer tien jaar geleden en dan kan er veel gebeuren.''

Fosforgranaten
In een diepe put van de Oosterschelde is zo'n dertig miljoen kilo overgebleven ongebruikte munitie, waaronder fosforgranaten, uit de Tweede Wereldoorlog gestort door het leger. Dat gebeurde tussen 1945 en 1967. In het zoute zeewater zouden de granaten roesten en de giftige inhoud vrijkomen in de Oosterschelde.

Verzoek
De gemeente Schouwen-Duiveland heeft tien jaar geleden al de Tweede Kamer verzocht om de munitie in de Oosterschelde af te dekken. Dat verzoek deed de gemeente destijds samen met de provincie Zeeland en het Nationaal Park Oosterschelde.

Onderzoek
Volgens burgemeester Gerard Rabelink is destijds door toenmalig staatssecretaris van Defensie Cees van der Knaap besloten om de munitie niet af te dekken. Deels omdat er geen geld voor was, maar ook omdat er na onderzoek geen aanleiding zou zijn om tot actie over te gaan. Ondanks dat de gemeente vertrouwen heeft in dat besluit, zal Schouwen-Duiveland een nieuw onderzoek en eventuele afdekking of opruiming van de munitie in de Oosterschelde steunen.

Deel dit artikel: